Leegstandsloket. Ga naar hoofdmenu / zoekveld.

  1. Home
  2. Wet Kraken en Leegstand

Beleid wet- en regelgeving

 

Op 1 oktober 2010 is de wet Kraken en Leegstand in werking getreden. Deze wet heeft een tweeledig doel; enerzijds wordt kraken strafbaar gesteld[1], anderzijds biedt de wet gemeenten instrumenten om de hardnekkige leegstand in Nederland te bestrijden.  Deze leegstand heeft grote gevolgen voor de leefbaarheid in gemeenten. Naast het feit dat de risico’s op kraken, vandalisme en verpaupering groter zijn voor leegstaande gebouwen, is het tevens een verspilling van de schaarse grond in Nederland en een aantasting van de kwaliteit van de omgeving. Zoals gezegd biedt de wet Kraken en Leegstand gemeenten verschillende instrumenten om de leegstand te bestrijden. Eén van deze instrumenten is de leegstandverordening.

De inwerkingtreding van de wet heeft verstrekkende gevolgen voor zowel eigenaren van commercieel onroerend goed als voor de Nederlandse gemeenten. Door de wet krijgen zij een actievere rol toebedeeld in de bestrijding van leegstand. Wanneer een gemeente bijvoorbeeld een leegstandverordening heeft vastgesteld, zijn pandeigenaren verplicht het te melden zodra de  leegstand langer duurt dan de aangegeven termijn van ten minste zes maanden.  Wanneer men de meldingsplicht niet nakomt, kan er een boete worden opgelegd van  maximaal € 7.500,-. De gemeente dient de meldingen van leegstand te registreren en bij te houden, zodat de zij altijd over een actueel en up-to-date overzicht beschikken.

Binnen drie maanden na de melding dient er leegstandoverleg over het gebruik van het pand plaats te vinden tussen de eigenaar en de desbetreffende gemeente; hoe kan men de leegstand gezamenlijk aanpakken? Mocht het overleg niet tot bevredigend resultaat leiden, dan kunnen de Nederlandse gemeenten na overleg, of zonder overleg indien de eigenaar geen medewerking verleent,  in een zogeheten leegstandbeschikking vaststellen of het gebouw (of een gedeelte daarvan) geschikt is voor gebruik.

Wanneer overleg niets opgeleverd heeft en er is in de leegstandbeschikking vastgesteld dat het gebouw (of een gedeelte daarvan) geschikt is voor gebruik, dan kan de gemeente als uiterste middel een gebruiker voordragen aan de eigenaar.  Dit is alleen mogelijk zodra de leegstand langer duurt dan de in de leegstandverordening aangegeven termijn van tenminste twaalf maanden. Gemeenten kunnen één of meer natuurlijke of rechtspersonen voordragen. Bovendien kan de eigenaar worden verplicht om binnen een bepaalde termijn de nodige voorzieningen te treffen, zodat het pand geschikt is voor het gebruik zoals vastgesteld in de beschikking.

Wanneer de eigenaar niet meewerkt,  zijn er verschillende mogelijkheden om de naleving van de verordening af te dwingen. Zo kunnen gemeenten bestuursdwang toepassen en tevens een last onder dwangsom opleggen. Indien er, na het verstrijken van de termijn van tenminste een half jaar leegstand, geen melding wordt gedaan, kan een bestuurlijke boete worden opgelegd. De gemeente kan wederom een bestuurlijke boete opleggen als blijkt dat de eigenaar niet bereid is het gebouw (of een gedeelte daarvan) geschikt te maken voor gebruik.

Opzoek naar de volledige wettekst? Klik dan hier

 

 

 

[1] Het Leegstandsloket richt zich op het bestrijden van de  leegstandproblematiek in Nederland en gaat  op de website om deze reden dan ook niet verder in op het algeheel strafrechtelijk kraakverbod.